Rhino uitbraak, wat nu?

Datum: 25-03-2021

 Rhino uitbraak, wat nu?

Je hebt het vast meegekregen, een grote Rhinopneumonie uitbraak na een wedstrijd in het Spaanse Valencia. Volgens de FEI zelfs de grootste uitbraak ooit in Europa, alle hens aan dek dus.
Maar wat betekent dit nu voor jou en jouw paard?
Om te beginnen is het goed om te weten dat bijna alle paarden in Nederland afweerstoffen tegen het virus hebben. Zo’n 90% van de paarden in Nederland heeft afweerstoffen tegen het EHV-4 virus en zo’n 30% tegen het EHV-1 virus. De neurologische vorm komt incidenteel voor en wordt altijd veroorzaakt door EHV-1, zoals nu verantwoordelijk voor de uitbraak.
Wat is Rhino?
Rhinopneumonie wordt veroorzaakt door een herpesvirus specifiek voor het paard. Herpesvirussen hebben enkele eigenschappen die het voor ons en het paard lastig maken om het virus de baas te blijven. Een herpesvirus wekt in het lichaam weinig afweerreacties op en dan blijft de afweer ook nog maar kort aanwezig. Het virus blijft “slapend” in het lichaam aanwezig(bij meer dan 30% van de paarden) en kan, als de weerstand laag is, de kop opsteken. Vergelijkbaar bij mensen met een koortslip. Stress is een belangrijke factor waarbij het virus voor problemen kan gaan zorgen omdat de weerstand dan minder is.
Besmetting
Besmetting met het virus komt door uitscheiding van virusdeeltjes door proesten, hoesten en snot. Bij aborterende merries worden zeer grote hoeveelheden virusdeeltjes met het vruchtwater en de nageboorte uitgescheiden. Maar ook indirect contact kan zorgen voor besmetting; het gebruik van andermans stal, drinkemmer, voerbak of bit. Ook kan het virus meeliften op kleding borstels en zelfs de lucht in slecht geventileerde ruimten kan zorgen voor besmetting.
Verschijnselen
Rhinopneumonie veroorzaakt door EHV-4 kenmerkt zich vooral door verkoudsheidsverschijnselen (koorts, hoesten, neusuitvloeiing, verminderde eetlust en dikke benen).
EHV-1 kan verder in de weefsels doordringen en kan zich in de baarmoeder (abortus) of in het zenuwweefsel nestelen (neurologische vorm). De neurologische vorm kan ook zonder eerstgenoemde verkoudheidsverschijnselen optreden en is te herkennen aan koorts(piek), slappe staart, overvolle lekkende blaas en ataxie. Meestal ontwikkelen de symptomen zich binnen 2-3 dagen in hun ernstigste vorm.
Vaccineren
Er bestaan vaccinaties tegen EHV, deze zijn helaas maar kort werkzaam en dienen daarom minimaal 2x per jaar te worden herhaald. Helaas voorkomt dit niet dat sommige paarden alsnog ziek worden maar zal ervoor zorgen dat bij een besmetting de ziekte minder ernstig verloopt en het paard sneller opgeknapt is zonder al te veel restverschijnselen. Vaccinatie geeft een goede bescherming tegen de verkoudheidsvorm. Geen enkel vaccin claimt werkzaam te zijn tegen de neurologische vorm. Uitbraken van de neurologische vorm vinden plaats in zowel gevaccineerde als ongevaccineerde groepen.
Na de Rhino-vaccinatie zijn paarden wel vaak een paar dagen niet fit (koorts, slechte eetlust). Een vaccinatie is meest zinvol als de volledige stal wordt gevaccineerd. Daarmee wordt de infectiedruk (hoeveelheid uitgescheiden virusdeeltjes) aanzienlijk lager en daardoor de kans op verspreiding kleiner.
Wat moet je doen
Halsoverkop gaan enten is niet altijd nodig. Goed nadenken over hoe groot de kans op besmetting bij jou op stal is wel en wat je zelf kunt doen om besmetting te voorkomen:
• Gebruik altijd je eigen spullen en leen geen dingen uit (emmers, bit, borstels)
• Zorg voor zo min mogelijk stress bij je paard, stress heeft namelijk een negatieve invloed op de weerstand. Paarden die het virus bij zich dragen kunnen dan ziek worden of virus gaan uitscheiden.
• Sta je op een stal waar veel reisbewegingen zijn naar (internationale) wedstrijden overweeg dan het vaccineren van alle paarden.


Meer nieuws

[04-03-2021] Veel voorkomende ziektes bij jonge veulens
 
EquiDoc: Alle medische zorg voor het paard